Klaas Koopmans

Op 25 januari 2006 werd de Friese schilder Klaas Koopmans in Garijp begraven. Hij was in 1920 geboren en dus inmiddels bijna 86 jaar oud. Een zeer markante persoonlijkheid in spreken en schilderen. Een Fries in hart en nieren. Ik was gevraagd om die dienst te leiden en las onder andere uit Psalm 8. Hij noemde die psalm zelf een keer, toen hij op vakantie in Engeland was. Prachtige dingen heeft hij toen gemaakt. Of het nu de koolzaadvelden van Groningen waren, het boerenbedrijf in Friesland of dat landschap in Engeland: hij zag het met zijn eigen blik. En daar in Engeland zei hij ineens: “Dit is no Psalm 8”.

Heare, ús Hear,
Hoe geweldich is jo namme
Oer de hiele ierde.

Die verwondering vinden we bij Klaas Koopmans overal terug. Kunst als een kijken in verwondering. En zo leert hij óns zien en kijken. Naar het landschap in Friesland, dat hem zeer ter harte ging. Hij maakte zich zorgen over de teloorgang van het landschap door de ruilverkaveling en de industriële productie. Juist daarom zijn de schilderijen die hij maakte van het (Friese) landschap niet alleen uiting van zijn verwondering om het mooie landschap, maar ook signalen om ons de kwetsbaarheid van dat landschap bewust te maken.

Nu kan Psalm 8 een heel nederige stemming oproepen. De mens, die zich zo klein weet in dat grote heelal. Maar die kant gaat Psalm 8 niet op. Want zo denkt de Jood niet; zo denkt ook de christen niet. Die zingt met Psalm 8 precies het tegenovergestelde. In Psalm 8 wordt de mens niet klein gedrukt door zijn verwondering, maar juist omhoog getild, op zijn voeten gezet. Jij mens, jij mag er zijn, om als een heer in deze schepping te leven, te werken, de danken, te genieten.

Die lofzang klinkt het meeste ‘Ut é mûle fan lytsen en tatebern’ (vers 3), de kinderen en de zuigelingen, de kwetsbaren. Juist die zijn Gods oogappels op aarde. Misschien wel juist omdat het heersen door hen nooit zal verworden tot overheersen, stuk maken, uitbuiten. Zolang ik de tekeningen ken, die Klaas Koopmans maakte in de psychiatrische inrichtingen, heb ik aan deze tekst moeten denken. Want die Psalm is inderdaad Klaas Koopmans ten voeten uit.

Verwondering.
Aandacht voor de kracht
In het kwetsbare.

Sinds enkele jaren ben ik lid van het bestuur van de Stichting Klaas Koopmans en daarmee nauw betrokken geraakt bij zijn werk. Op dit moment zijn de zgn. ‘gestichtstekeningen’ die hij maakte in de periodes dat hij was opgenomen in psychiatrische inrichtingen te zien in museum ‘Het Dolhuys’ in Haarlem. Vanaf begin maart stelt museum Belvédère in Heerenveen deze tekeningen ten toon.

Bent u nieuwsgierig geworden en wilt u ook een lezing boeken? Neem dan via de knop hiernaast contact  op.